Oppervlakterekenmachine
Kies een vorm, voer de maten in en krijg de oppervlakte.
Oppervlakte
Oppervlakte: 40
- Omtrek
- 26
Hoe het werkt
Oppervlakte meet het vlakke oppervlak binnen een vorm, in vierkante eenheden. Rechthoeken en parallellogrammen zijn basis × hoogte; een driehoek is de helft daarvan.
Een trapezium is het gemiddelde van de twee evenwijdige zijden maal de hoogte. Een cirkel is πr², een ellips πab, en een sector is de breuk θ/360 van een volledige cirkel.
De hoogte wordt altijd loodrecht op de basis gemeten, niet langs een schuine zijde.
Formule
rechthoek = l × b driehoek = ½ × basis × hoogte parallellogram = basis × hoogte trapezium = ½(a + b) × h cirkel = πr² ellips = πab sector = θ ÷ 360 × πr²
Uitgewerkt voorbeeld
Een rechthoek van 8 bij 5 heeft een oppervlakte van 40 en een omtrek van 26. Een trapezium met evenwijdige zijden 6 en 10 en hoogte 5 heeft ook oppervlakte ½ × (6 + 10) × 5 = 40.
Veelgestelde vragen
In welke eenheid staat de oppervlakte?
Het kwadraat van de gebruikte lengte-eenheid: meters als invoer geeft vierkante meters als uitkomst.
Hoe bereken ik de oppervlakte van een onregelmatige vorm?
Verdeel de vorm in rechthoeken, driehoeken en cirkeldelen, bereken elke oppervlakte en tel ze op.
Welke hoogte gebruik ik voor een driehoek?
De loodrechte afstand van de basis tot de overstaande hoek, die bij stompe driehoeken buiten de driehoek kan vallen.